CDA eist snelle duidelijkheid over studentenkaart voor Arriva-trein Zwolle-Groningen
Het CDA in Overijssel dringt er bij het Rijk op aan om vaart te maken met de uitbreiding van de geldigheid van de ov-studentenkaart naar de geplande sneltreinen van Arriva tussen Zwolle en Groningen. Zonder die stap dreigt de nieuwe verbinding voorlopig uit te blijven.
Vervoerder Arriva heeft al toestemming om twintig keer per dag in open toegang een sneltrein te laten rijden tussen Zwolle en Groningen. Toch werd in januari van dit jaar de start uitgesteld, omdat er onduidelijkheid heerst over de vergoeding voor reizen met de ov-studentenkaart.
Financiele compensatie voor studentenreizen
Volgens het vervoersbedrijf is de exploitatie alleen rendabel wanneer studentenreizen financieel worden gecompenseerd. Zolang daarover geen helderheid bestaat vanuit het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, blijft de trein op de tekentafel. De CDA in Overijssel noemt dat onacceptabel. Statenlid Jacob Spiker noemt de uitbreiding van de geldigheid van de studentenkaart een "cruciale voorwaarde" voor de start van de verbinding. De partij wil dat Gedeputeerde Staten bij het ministerie aandringen op snelle besluitvorming.
De discussie raakt aan bredere vragen over markttoegang op het spoor. In de praktijk is de ov-studentenkaart vooral geldig op het hoofdrailnet. Nieuwe toetreders met open-toegang diensten, zoals Arriva op dit traject, moeten afzonderlijke afspraken maken met het Rijk over de compensatie van studentenreizen.
Spiker wil daarom van het provinciebestuur weten of er technische of contractuele belemmeringen zijn die uitbreiding van de geldigheid in de weg staan. Eerdere ervaringen in onder meer Limburg en Friesland laten zien dat de vergoeding voor studentenvervoer een belangrijke drempel kan vormen voor nieuwe aanbieders op het spoor.
Open toegang op het spoor
Open toegang op het spoor – vaak aangeduid als open access – betekent dat spoorwegondernemingen commerciële treindiensten (zonder directe subsidie) mogen aanbieden op het spoorwegnet zonder dat zij daarvoor een exclusieve concessie van de overheid hebben. In plaats van één aangewezen vervoerder per traject (zoals de concessie van het hoofdrailnet), kunnen meerdere vervoerders toegang aanvragen tot dezelfde infrastructuur. In de Europese Unie is dit principe vastgelegd in het kader van het Vierde Spoorwegpakket, waarmee de Europese spoorwegmarkt verder is geliberaliseerd en concurrentie op binnenlandse passagiersverbindingen sinds 2020 mogelijk is gemaakt. Het doel hiervan is het verbeteren van kwaliteit, innovatie en prijsconcurrentie voor reizigers.
In Nederland is het hoofdrailnet traditioneel in concessie gegeven aan de NS, terwijl de infrastructuur wordt beheerd door ProRail. Open toegang houdt in dat andere vervoerders, mits zij voldoen aan de wettelijke en veiligheidsvereisten en capaciteit beschikbaar is, treindiensten kunnen aanvragen bij ProRail. De Autoriteit Consument & Markt (ACM) beoordeelt daarbij of een open-accessdienst het economisch evenwicht van een bestaande concessie niet onevenredig verstoort.