Akkoord over elektrificatie en verdubbeling van Maaslijn

De Maaslijn tussen Roermond en Nijmegen die geŽlektrificeerd en deels verdubbeld zal worden (Foto: Rob Dammers)
De Maaslijn tussen Roermond en Nijmegen die geŽlektrificeerd en deels verdubbeld zal worden (Foto: Rob Dammers)

Er is een akkoord bereikt in het tekort van 96 miljoen euro voor de elektrificatie en de de gedeeltelijke verdubbeling van de Maaslijn tussen Roermond en Nijmegen.

Vorig jaar december werd bekend gemaakt dat de opwaardering van de Maaslijn duurder uit zou vallen. In de uiteindelijke afspraak is vastgelegd dat het Rijk met 72 miljoen driekwart van dat tekort voor zijn rekening neemt. Het andere deel van 24 miljoen euro zal voor rekening komen voor de provincie. Nu de verdeling van de tekorten is vastgelegd kan het project doorgaan, en zal de spoorlijn vanaf december 2024 meer capaciteit bieden en ook sneller zijn.

Ook zal Arriva met nieuwe driedelige FLIRT-treinen gaan rijden die in tegenstelling tot het andere materieel in Limburg voorzien zullen zijn van extra toegangsdeuren. De oude diesel-aangedreven GTW-treinen zullen dan uiteindelijk gaan verdwijnen.

Foute berekeningen

Aanvankelijk wilde de Provincie Limburg niet meebetalen aan het tekort, omdat dat werd veroorzaakt door berekeningen van ProRail die te laag werden ingeschat. Volgens ProRail is er naar de hoger uitgevallen kosten extern onderzoek gedaan. Daaruit is gebleken dat dit te maken had met het feit dat de totale omvang van het project nog niet volledig helder was. "Gaandeweg het proces is dat beeld volledig geworden, zodat de kosten uitkomen op 266 miljoen euro exclusief BTW.", zegt een woordvoerder van ProRail tegenover 1Limburg.

Vertraging in elektrificatie en spoorverdubbeling

In 2016 werd besloten de Maaslijn te elektrificeren, en op enkele plekken van dubbelspoor te voorzien. De klus zou aanvankelijk al in 2020 klaar moeten zijn en binnen een budget van 164 miljoen euro moeten vallen. Maar dat bleek volledig onhaalbaar, en de schop is nog niet in de grond gegaan.

In 2019 werd bekend gemaakt dat het budget werd opgehoogd naar 212,6 miljoen euro waarmee de oplevering werd uitgesteld naar december 2024. In februari van dit jaar nam de Tweede Kamer (niet demissionair) een motie van de PvdA aan waarin het Rijk zou moeten opdraaien voor extra kosten.
Staatssecretaris Stientje van Veldhoven (D66) gaf toen aan hier niet aan mee te willen werken, en verwees naar een eerdere afspraak waarbij het Rijk en de Provincie bij budgetoverschreidingen de kosten voor de helft zouden delen.

Akkoord

Tijdens twee gesprekken is er uiteindelijk een akkoord getekend tussen Van Veldhoven en Johan Remkes (waarnemend commissaris van de Koning). Hierin is afgesproken dat zowel het Rijk als de Provincie Limburg nog eens 42 miljoen euro reserveren voor om eventuele nieuwe tekorten op te kunnen vangen zodat de opleveringsdatum niet in gevaar zal komen. Hiervan zal het Rijk driekwart van dit deel voor rekening nemen met 31,5 miljoen euro, en de provincie de overige 10,5 miljoen euro. Voor deze deal moet de Kamer nog gaan instemmen.