KiM: Aantal treinreizen groeit, maar bus, tram en metro blijven achter

Het openbaar vervoer groeit naar verwachting de komende jaren, met name het treinverkeer. (Foto: Rob Dammers (CC BY 4.0))
Het openbaar vervoer groeit naar verwachting de komende jaren, met name het treinverkeer. (Foto: Rob Dammers (CC BY 4.0))

Het gebruik van het openbaar vervoer groeit de komende jaren naar verwachting verder. Vooral de trein wint terrein, terwijl het gebruik van bus, tram en metro voorlopig gelijk blijft. Dat blijkt uit de nieuwste Kerncijfers Mobiliteit 2026 van het Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid (KiM) dat jaarlijks een onderzoeksrapport uitbrengt.

Het kennisinstituut verwacht dat de afgelegde afstand per trein tussen 2025 en 2031 met 6 procent groeit. Voor bus, tram en metro wordt in het basisscenario een stijging van 5 procent voorzien.

Groei van reizigerskilometers per trein in 2025

In 2025 legden reizigers met de trein 17,1 miljard kilometer af. Dat is 1 procent minder dan in 2024. Deze daling is volgens het KiM vermoedelijk grotendeels het gevolg van de nieuwe hoofdrailnetconcessie, die in 2025 van start ging en een andere reikwijdte heeft dan de voorgaande concessie. Wanneer ook treindiensten buiten de concessies worden meegerekend, is juist sprake van groei. Volgens cijfers van het CBS bedroeg het totale aantal reizigerskilometers per trein in 2025 17,8 miljard, ongeveer 1 procent meer dan een jaar eerder. NS was binnen het concessiegebonden treinvervoer goed voor 16,1 miljard reizigerskilometers

Bus tram en metro blijven gelijk

Het gebruik van bus, tram en metro bleef in 2025 vrijwel gelijk aan het voorgaande jaar. Reizigers legden in totaal 5 miljard kilometer af. De bus nam daarvan met 3,1 miljard kilometer het grootste aandeel voor zijn rekening (61 procent). Dat aandeel is wel afgenomen: in 2015 was de bus nog goed voor 66 procent van de reizigerskilometers. Het aandeel van de tram bleef stabiel op 16 procent, terwijl dat van de metro steeg van 18 naar 23 procent.

De groeiverwachtingen voor bus, tram en metro verschillen per scenario. In het basisscenario voorziet het KiM tot 2031 een groei van 5 procent. In het meest gunstige scenario loopt dat op tot 10 procent. Bij tegenvallende ontwikkelingen wordt juist een afname van 1 procent verwacht. Economische en demografische ontwikkelingen spelen daarbij een rol, maar ook onzekerheden rond de ov-dienstregeling beïnvloeden de prognoses.

Drukte op het wegennet

Tegelijkertijd neemt de druk op het wegennet toe. Hoewel het wegverkeer op hoofdwegen in 2025 licht groeide, daalde het reistijdverlies met 4 procent door de opening van nieuwe wegdelen. Voor de periode tot 2031 verwacht het KiM in het basisscenario echter een stijging van het reistijdverlies met 29 procent, tegenover een groei van 6 procent in het wegverkeer. Het wegennet nadert daarmee steeds meer zijn capaciteitsgrenzen.

De ontwikkelingen laten het belang zien van een aantrekkelijk en betrouwbaar openbaar vervoer als alternatief voor de auto. De verwachte groei van het aantal reizigerskilometers biedt kansen voor het ov, maar vraagt ook om voldoende capaciteit en een passende dienstregeling. Of de voorspelde groei daadwerkelijk wordt gerealiseerd, hangt mede af van de keuzes die de komende jaren worden gemaakt.